Bedrijfsprofiel

Sleepvaartbedrijf Viegers & zn. is opgericht in 1930 door Matheus Hendrikus Viegers (Thijs), geboren in 1898 als zoon van een schippers familie die hun brood verdiende op de Hollandse, Belgische, Duitse en Franse kanalen en rivieren.
Lange tijd voer Thijs als knecht bij “Ome Thijs” op een 2 master klipper.
Met zijn eerste stoomsleepboot werkte hij veel in België en Frankrijk en later met de wat grotere stoomsleepboot ‘Tyber”heeft hij vele jaren gevaren bij de Zuiderzee werken, nu bijgestaan door zijn zoons Thijs en Ber.
In 1943 liet hij op het Noordzee kanaal bij Buitenhuizen zijn sleepboot eigenhandig zinken omdat hij niet voor de bezetters wilde varen en vlucht met zijn twee zoons naar Schoorl.
Dit was tiperende actie voor deze man.
Een man die zijn bedrijf uit het niets had opgebouwd en het in een paar minuten weer verloor voor de ogen van de vijand.
Na de oorlog maakten zij een nieuwe start en de oudste zoon Thijs trouwde met Zwaantje van der Kaay, een dochter van een beurtvaarder uit de Zaanstreek.
Thijs werd kapitein op de nieuwe sleepboot “Hondsbosch” van zijn schoonvader, hiermee voeren ze enkele jaren op de Rijn.
Maar de binnenvaart werd hem te benauwd en hij ging naar de zeevaartschool in Amsterdam.
Daar behaalde hij zijn diploma kleine handelsvaart met aanvulling en voer als stuurman op diverse coasters.
Al snel werd hij kapitein en raakte zo bekend langs de gehele Europese kust.
Maar de sleepvaart bleef trekken en in 1959 kocht hij een eigen motorsleepboot en deze kreeg weer de naam “Hondsbosch”.
Met deze boot heeft hij op vele baggerwerken gevaren en was lange tijd betrokken bij de bouw van de pieren in Ymuiden.
Aan boord van deze sleepboot heeft Thijs Viegers jr. de eerste zes jaar van zijn leven doorgebracht, er is geen betere leerschool voor dit mooie vak te bedenken.
Een nieuwe sleepboot werd erbij aangekocht, de “Rekere” in 1968.
Deze boot was jaren lang betrokken bij zinkwerk en steenstort projecten in west Europa.
Van school kwam Thijs jr.bij zijn vader aan boord van de “Hondsbosch” en leerde hier de kneepjes van het vak.
Als jong matroos vertrok hij met deze sleepboot voor een paar jaar naar noord Zweden voor Ballast Nedam.
Weer een sleepboot werd aangekocht genaamd “Camperduin” en Thijs jr. werd op 21 jarige leeftijd kapitein op dit schip.
Lange tijd voer hij met deze boot bij de grote baggermolens van Westminster Dredging in Frankrijk en Engeland.
In 1980 vertrok hij naar Amerika en Mexico met een van de schepen om te gaan werken bij de olie industrie.
In 1981 werd hij kapitein op de aangekochte kustsleepboot “Bever”, hiermee vertrok hij voor lange tijd naar Portugal waar hij werkte aan een grote havenuitbreiding voor Ballast Dredging.
Hier raakten de “Bever” betrokken bij diverse bergingen van visserschepen, een zandzuiger en een hopper.
Na dit project is de “Bever”onder contract gekomen bij van Oord ACZ en was actief op vele projecten in Engeland, Frankrijk, Ierland, Denemarken en Holland, veelal was ze betrokken bij kust en oeverwerken en outffals.
Na 20 jaar trouwe dienst werd de “Bever” vervangen door de “Camperduin”, een shoalbuster 2509.
Ook dit schip werd ingezet op outfall en offshore projecten o.a in Cork, Cornborough, Dover en Peterhead.
Ook werden vele sleepreizen uitgevoerd.
In 2003 kwam de “Camperduin” in charter bij Mammoet van Oord en assisteerde het jack up rig “Jumping Jack” op windfarm projecten Arklow Bank in Ierland en daarna voor de kust van Norfolk op Scroby Sands.
In 2003 werd ook weer een nieuwe sleepboot besteld bij Damen, nu een shoalbuster 2609.
Bij de bouw is veel aandacht besteed aan de veiligheid voor de bemanningsleden ten tijde van anker behandeling werkzaamheden.
Zo zijn er hydraulische sleeppennen geïnstalleerd voor het opsluiten van anker draden, en een cargo rail voor bescherming van de bemanning.
Het schip zal half april worden overgedragen en zo kunnen we weer starten met een mooi multifunctioneel vaartuig.

De nieuwe Camperduin (bouwnummer 1555) is na oplevering te 14 april 2004 direct vertrokken naar de Verenigde Arabische Emiraten in opdracht voor van Oord
De reis welke met de losse boot werd gemaakt duurde 4 weken, op 1 mei werd Malta aangedaan om te bunkeren en wat verse stores te laden.
Meteen na aankomst te Dubai is de Camperduin ingezet op het World Island Project.
van Oord moet hier tientallen eilanden creëren in de vorm van de wereldbol.
Om het hele gebied moet een breakwater worden gebouwd ter bescherming van de eilanden en hiervoor moet 30 miljoen ton steen aangevoerd worden vanuit de havens Stevin Rock en Al Hamra.
De Camperduin sleept bakken vanaf deze havens naar het WIP.
De inzet van deze sleepboot op dit project bevalt zo goed dat er weldra meerdere Shoalbusters in gezet worden in het steen transport.
In oktober 2005 wordt er weer een nieuwe AHTS besteld bij Damen te Hardinxveld.
Het betreft hier een wat groter zusje dan de Camperduin.
Deze sleepboot zal de voor ons zo bekende naam Bever krijgen.
Wind en weder dienende zal het casco in september 2005 in Hardinxveld aankomen om te worden afgebouwd.
Het ligt in de bedoeling dat deze 3000 pk sterke sleepboot in maart 2007 in de vaart komt.

Op 14 April 2007 is bij Damen Shipyards Hardinxveld de AHTS Bever gedoopt door Mevr. Liesbeth Viegers. De Bever is een Shoalbuster 2709 en het eerste schip van deze nieuwe serie. In zeer nauwe samenwerking met de werf zijn veel nieuwe ideeën, opgedaan in de praktijk, verwerkt in dit nieuwe schip. Op zondagochtend 15 April is de Bever in alle vroegte vertrokken naar La Rochelle. Hier is ze ingezet voor Smit om te assisteren bij de wrakopruiming van de roro Rokia Delmas. Begin Juni is ze vertrokken naar Mostyn Dock in noord Wales om te assisteren bij het hefplatform Jumping Jack. Op de Burbo Bank ten westen van Liverpool heeft dit platform 27 windmolens geplaatst. De Bever heeft op dit project het ankerwerk bij de Jumping Jack uitgevoerd en samen met de Deense sleepboot Stevns Artic sleepte ze de Jumping Jack diverse malen naar Mostyn Dock om turbines te laden. Begin Augustus 2007 is ze weer onder contract gegaan bij Smit Transport en Heavy lift en werden er een paar sleepreizen uitgevoerd naar Milford Haven. In September werd met het Deense bedrijf A2Sea een overeenkomst gesloten om de Bever in te zetten bij het hefeiland Sea Jack, de voormalige Jumping Jack. Na nog enkele sleepreizen voor van Oord en Smit te hebben uitgevoerd naar Bordeaux en Great Yarmouth is de Bever vanaf 14 Oktober werkzaam bij de Sea Jack in IJmuiden om ca 40 windmolens te plaatsen op het Q7 veld ten westen van IJmuiden.

T/m mei 2008 wordt gewerkt bij de Sea Jack op Q7, het latere Prinses Amalia veld west van Ymuiden.
In de laatste week van het project wordt het zeiljacht "Phantom" geborgen wat is gezonken voor Zandvoort.
We vertrekken van Ymuiden naar Esbjerg waar de Sea Jack gereed wordt gemaakt voor het Horns Rev 2 project.
Hier zijn we werkzaam tot het najaar van 2008.
Daarna gaat de Sea Jack voor groot onderhoud in dok bij Keppel Verolme in Rotterdam en de Bever vertrekt naar Zeebrugge om voor 4 weken de Stemat Oslo te assisteren met het leggen van kabels op de Thornton bank.
Dan steken we de Noordzee weer over om ons bij de Sea Jack te melden die inmiddels is begonnen met jacking trails op de Outher Gabbard Bank.
Één week voor de kerst worden de test afgerond en onder slechte weersomstandigheden slepen we het rig samen met de Stevns Arctic terug naar Esbjerg,
Hier komen we daags voor de kerst binnen en blijven enige weken liggen voor we naar het Thanet veld kunnen vertrekken.
In de tussentijd wordt de Sea Jack ingezet voor enig onderhoudswerkzaamheden aan het Horns Rev 1 windmolen park waarvoor wij een aantal reizen uitvoeren.
In Februari 2009 vertrekken we weer van Esbjerg naar Great Yarmouth.
De bestemming is eigenlijk Ramsgate maar hier kan de Sea Jack nog niet naar binnen ivm baggerwerk.
We houden in Great Yarmouth enkele weken stand-by en dan is Ramsgate gereed om ons te ontvangen.
We blijven het gehele jaar op het Thanet project, Sea Jack plaatst eerst de monopiles en later nog een gedeelte van de transition pieces.
Inmiddels is weer een nieuw schip besteld bij Damen Shipyards Hardinxveld.
Het wordt een Shoalbuster 3612 met een trekkracht van 70 ton en uitgerust met twee catterpillars DITA 3516 die samen 5300 pk leveren.
Het casco wordt 1 dag voor kerst 2009 afgeleverd in Dordrecht.
Bever blijft t/m februari op het Thanet veld waarna we ze haar intermediate survey uitvoerd bij Scheepswerf Vooruit in Zaandam.
Helaas zal dit de laatste keer zijn dat we met een van onze schepen hier dokken, gezien de afmetingen van de “grote Bever” zal dokken hier niet meer mogelijk zijn
38 jaar lang hebben we al onze reparatie werkzaamheden hier uitgevoerd naar volle tevredenheid.
Bever keert samen met Stevns Arctic en Sea Jack weer terug naar het Thanet veld en wordt op 1 Juni 2010 verkocht aan Seacontractors uit Vlissingen.
Haar nieuwe naam wordt Sea Golf.
Op 29 mei 2010 wordt de “grote Bever” gedoopt bij Damen in Hardinxveld onder schitterende weersomstandigheden en onder zeer grote belangstelling.
Er worden een paar klusjes rond Rotterdam uitgevoerd waaronder het aanbrengen van de ankers van het kraanschip Oleg Strashnov.
Eind Juni vertrekt ze wederom naar Ramsgate om te gaan assisteren bij de kabellegger UR 101.
Bever werkt ca 3 maanden met de UR 101 op het Thanet en Gabbart veld en maakt met deze ponton diverse sleepreizen naar Hartlepool, Great Yarmouth, Harwich en Sheerness.
Als het project klaar is brengen we de ponton naar Newcastle en daar wordt een 50 ton zware kabelploeg aan dek van de Bever geladen.
De ploeg wordt in de buitenhaven van Great Yarmouth afgeleverd waarna wordt vertrokken naar Ymuiden.
Vanuit deze haven worden enkele rigmoves uitgevoerd waaronder de Noble Linda Bosler van Ymuiden naar een locatie 80 mijl west van Terschelling.
In september stomen wij onder zware weersomstandigheden naar Goteborg om de transport bak L'Avenir op te halen. Wederom onder zware weersomstandigheden wordt de lege transport bak terug naar Rotterdam gesleept.
De kraanponton Klarissa B wordt van Ymuiden naar Newhaven gesleept en de Sea Golf wordt afgelost bij de Sea Jack.
Daarna wordt een sleepreis uitgevoerd met de ponton Skyline Barge 19 geladen met pontons met bestemming Rosyth in Schotland.
Hier worden twee sluisdeuren geladen voor een sloperij in ‘Schravendeel.
Vlak voor de kerst wordt de Stevns Arctic afgelost en Bever is een week werkzaam op het Outher Gabbard veld.
In Januari 2011 wordt nog een rigmover uitgevoerd met de Noble Byron Wellinger van de zuid-Doggersbank naar Ymuiden.
Daarna gaat de Bever weer in charter bij het Deense offshore bedrijf A2Sea
Op 17 Februari wordt vertrokken met het JIB Sea Jack van Ymuiden naar Belfast.
In Belfast worden windturbines geladen voor het Ormonde veld gelegen in het oostelijke gedeelte van de Ierse zee.
Er wordt geladen in het bouwdok van Harland & Wolff in Belfast, de rotor bladen welke horizontaal aan dek geladen worden, hebben een diameter van 110 mtr.
Van Belfast naar het Ormonde veld worden 15 reizen gemaakt.
Op 2 Augustus is het project afgerond en Bever sleept de Sea Jack retour naar Ymuiden.
Begin September komt de Bever met de Sea Jack aan in de buitenhaven van Great Yarmouth waar het platform gereed wordt gemaakt voor het Sheringham Shoal project ten oosten van de Wash.
Gedurende de wintermaanden hebben we te maken met veel slecht weer maar eind Januari 2012 vertrekken we uit het veld naar Hartelpool voor het Tees Side project waar 30 monopiles worden geslagen.
In de eerste week van Juni is het project volbracht en sleept de Bever de Sea Jack naar Ymuiden voor mobilisatie van het volgende project.
Na een korte werfbeurt bij scheepswerf Vooruit te Zaandam wordt de Sea Jack naar Vlissingen gesleept.
Hier moet hijsmateriaal geladen worden van de MPI Adventure.
Daarna wordt de Sea Jack geladen met transition pieces en we zetten koerst naar het London Array veld in de monding van de Thames.
Op dit project blijven we tot November waar na de Bever het platform naar Rotterdam sleept.
Na een dokbeurt bij Keppel Verolme vertrekt de combinatie op 2 Januari van Rotterdam naar Grenaa in Denemarken.
In Grenaa wordt de Sea Jack geladen met turbine’s voor het Anholt project.
Onder koude omstandigheden worden acht reizen naar het veld uitgevoerd.
Begint Maart moet de Sea Jack het Anholt project verlaten om te gaan mobiliseren voor het Gwynt Y Mor project in de Ierse Zee.
De Bever geeft t.h.v Helgoland haar sleep over aan de sleepboot Viking omdat anders de geplande docking niet gehaald wordt.
Op 12 Maart komt de Bever aan bij Maaskant Shipyards te Stellendam waar het intermediate survey wordt uitgevoerd.
Ook wordt een nieuwe sleep/anchorhandling winch geplaatst.
Op 4 April wordt weer zee gekozen met bestemming Lands End om t.h.v. Eddystone Rock de Sea Jack weer over te nemen van de Viking.
Voor slecht weer wordt uitgeweken naar Falmouth waar gemeerd wordt op de Cross Waters meerboei.
Eind April wordt Sea Jack in Mostyn, noord Whales afgemeerd waar ze geladen wordt voor het Gwynt Y Mor project.